Het verhaal van Chantal Tabary

Residentie Bosuil is het hoogste gebouw van Deurne. Conciërge Chantal Tabary waakt over het samenleven van de bewoners van 88 appartementen en studio’s. Dat doet ze al 24 jaar.
“Mensen komen met allerlei vragen bij mij, ook over medebewoners (lacht). Maar ik probeer hen in eerste instantie altijd zelf de problemen te laten oplossen. Blijft het licht op het ‘halleke’ branden?” Hang dan een briefje op de deur van de buur met de vraag om het licht uit te doen. Meestal doen mensen dat niet, want dan worden ze geconfronteerd. Geur is ook een terugkerende klacht. Wij hebben hier Afrikanen, Chinezen, Polen, Russen, Tsjetsjenen, Nepalezen, Nederlanders ook. Die mensen koken anders, hebben andere kruiden. En dat ruikt ook anders, daar durven mensen wel eens over te reclameren. Maar ook dan moet je gewoon eens bellen bij je buren.”

“Op een dag stond een bewoner aan mijn deur: “Er loopt water langs de keuken naar binnen, langs het schachtje van de buizen.” Dat bleek te komen van een appartement drie verdiepingen hoger, op het twintigste. Ik deed de deur open, dat was gewoon een sauna. De kraan van de warmwatertoevoer in de kast was eraf gesprongen. (lacht) Die mevrouw was een uur weg en je kon er nog amper binnen. Het papier in de living krulde van de muren. Ze had net nieuwe kurk laten leggen, een nieuwe keuken, de meubelen: alles moesten ze wegdoen. Ik ben toen een aantal mensen gaan optrommelen, de goeie vriendinnen uit de blok, en we zijn dan gaan kuisen. Dat was fenomenaal. (lacht)”

“Met sommige bewoners heb ik een heel goeie band. Annie noemt me haar tweede dochter. En Betty komt me vaak vragen of ik iets nodig heb van de markt of de winkel. Er zijn een aantal bewoners die geregeld een ‘klapke’ komen doen, bijvoorbeeld als ik aan het poetsen ben in de hal beneden. Die hal moet ik trouwens echt wel elke dag poetsen. Je kan het je niet voorstellen hoe die er uitziet op maandagochtend. Hier woont dan ook een hele straat, hé. 88 nummers, dat is een hele straat die door de liften en de gang gaat.”